Eén van de leuke dingen van het werken in een bibliotheek is dat je elke week weer nieuwe boeken ziet binnenkomen. Gisteren viel mijn oog op een dichtbundeltje van Lenze L. Bouwers. Had nog niet eerder van hem gehoord, maar trof een mooi gedicht aan (als onderdeel van een combinatie van twee gedichten over dichters) over Johanna van Buren:
Vanaf een berg klimt in het dal de toren
op naar ogen die niet kijken maar zien.
Ze fietst nu door het heuvelland met oren
die niet horen maar luisteren voor tien.
Ze wandelt langs het korengoud en tast
een blaadje van fluweel: de klaproostaal
zegt veel. Ze proeft van bomen groeikracht, bast,
standplaats, sapstroom: Hoor, hoe ik ademhaal
en ruikt in februari het voorjaar
met zaad, de grond die openbreekt, een aar.
Zon zintuig zes licht op: een nieuw gedicht.
(Johanna van Buren, 1881-1962, Twents dichteres)
uit: Woorden om het licht te horen : rondelen / Lenze L. Bouwers, 2009
woensdag 25 februari 2009
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten